Islam: de Culturele Aramisatie van de Arabieren

 

14-8-2005

 

Islamisering: Culturele Arabisatie van de Arameeërs of Culturele Aramisatie van de Arabieren?  Om het fenomeen van de Islamitische terrorisme te begrijpen, moeten wij duidelijk begrijpen wat de Islam was, en tot welke hoogte het werd fout geïnterpreteerd door zowel de Koloniale machten alsmede door de Islamitische terroristen.

 

 

English Version

Door Prof. Dr. Muhammad Shamsaddin Megalommatis, Oriëntalist

 

Bron: http://www.buzzle.com/editorials/8-13-2005-74807.asp

 

In het voorgaande artikelen, “De Aramese opleving zal het schaakbord van het Midden-Oosten transfigureren”, hebben wij de nadruk gelegd op het belang van de Aramese factor tot vrede en beschaving door het hele Midden-Oosten, daarbij hun rol onderstrepend als dam tegen de Islamitische terrorisme. We hielden vast aan de Aramese identiteit van het Arabisch sprekende volkeren in Syrië, Irak, Libanon, Jordanië, Palestina, Israël, Zuid- Oosten Turkije, Zuid-Westen van Iran, Koeweit, Katar en Emiraten. We haalden naar voren het feit dat de arabisatie die de Islamisatie opvolgde in deze delen van het Midden-Oosten slechts beperkt was tot the linguïstische niveau, terwijl op de raciale – etnische niveau elke vermenging leidde tot de totale absorptie van de enkele Arabieren (uit het gebied van Hedjaz) onder de Aramese massa.

 

Islamisering: Culturele arabisatie van de Arameeërs of Culturele aramisatie van de Arabieren?

 

Nu gaan we focusseren op een zelfs meer van belang zijnde kwestie waarvan de gevolgen cruciaal zijn op de politieke en sociale ontwikkeling van heden ten dage. Als het op taalkundig niveau het Arabisch de overhand kreeg over het Aramees, en als op raciale – etnische niveau de zwaar bevolkte Aramese massa’s van het hele Oosterse Romeinse Rijk en Sassanidische Rijk van Iran de schaarse Arabieren absorbeerde die zich verplaatsten buiten de Hedjaz, wat gebeurde het op culturele niveau? Dit is zelfs belangrijker, omdat Cultuur meer dan taal is in het Epicentrum van de Nationale Identiteit.

 

Om die reden dienen wij eerst opnieuw het culturele milieu te bekijken van de Arameeërs en Arabieren aan de vooravond van de prediking van de Koran door Profeet Muhammad. In deze dagen waren de bulk van de Arameeërs Christenen, of ‘Monofysiet’ of ‘Nestoriaan’ (we dienen toe te geven dat deze termen conventioneel en twijfelachtig zijn daar ze werden gegeven door de tegenhanger ‘Diophysite’ (Orthodoxe Patriarchaat van Konstantinople). Er waren nog steeds sommige Manichaeische Arameeërs, volgelingen van de religie geïntroduceerd door de Perzische filosoof en eruditie wijze Mani, de ‘Ambassadeur van het Licht’ in Ctesiphon (Tesifun) in 240 n. Chr. Binnen de Sassanidische Rijk van Iran (en vooral in gebieden als Irak, Koeweit, Katar, Emiraten, Arabische kust van de Perzische Golf, de moderne provincie Khuzstan van Zuid-Westen van Iran, maar ook in centraal Azië, namelijk Bactriana, Sogdiana, Transoxiana) waren Arameeërs die een oudere vorm van Aramese en Iranese religies praktiseerden, namelijk Chaldeanisme en Ostanisme – twee Gnostische systemen-, Mithraisme, Zervanisme en Gayonmardisme.

 

Echter, alle niet Christelijke Arameeërs representeerden een minderheid van mensen dat expandeerde van Kleine Azië (Turkije) tot aan de gebieden van China. Het is essentieel om in achterhoofd te houden dat de Arameeërs (de Christelijke Arameeërs die Syriërs worden noemend) de pioniers waren in de Christologische geschillen, en de school van Antiochië was een machtige opponent van de school van Alexandrië. Hoewel ze werden brutaal afgeslacht door de Sassanidische Perzische keizers, behielden de Arameeërs het Christendom in het grote deel van het rijk ten oosten van Eufraat, en in hun absolute meerderheid waren de ‘Perzische Arameeërs’ ‘Nestoriaans’, terwijl de ‘Romeinse Arameeërs’ ‘Monofysiet’ waren. Arameeërs waren de beste handelaren door het hele Azië, maar hadden geen enkele nomadische cultuur meer, daar ze zich voor meer dan 1500 jaren hadden gevestigd.

 

Arabieren waren geen Christenen, met de uitzondering van enkele ‘Monofysiete’ en ‘Nestoriaanse’, en zelfs kleinere aantal Joden, behielden de Arabieren hun oude religies die getuigden van een arme religieuze establishment, onkunde, gebrek aan cultuur en educatie, laat staan wetenschap en kunst, een extensieve nomadendom en barbarisme (zie ook http://www.buzzle.com/editorials/8-4-2005-74218.asp) en laatste maar niet de minste was de onbeduidende sociale, economische en politieke structuur.

 

In tegenstelling tot de Arabieren in Hedjaz, hadden de (niet Arabische) Yemenieten in groot aantallen Christendom aanvaard, hoewel de meerderheid onder hen vasthield aan de geavanceerde voorchristelijke Yemenitische religie. De Yemenieten waren overwegend ‘Nestoriaans’, met name de Metropool van Najran, en dat is de reden waarom Caleb, de ‘Monofystische’ koning van Axumite Abyssinie door de Romeinen werd gevraagd om een expeditie te ondernemen tegen Yemen om de situatie onder controle te houden, wat hij ook deed- maar werd verdreven door de Perzen, die niet wilden dat de Axumite Abyssiniers de overhand zouden krijgen in Yemen, een perimeter van de Iranese invloed- om de Indische Oceaan handelsroute te controleren in het belang van de Romeinen.

 

Hoe kunnen wij de aankomst van de Islam onder de Arabieren interpreteren en z’n diffusie onder de Arameeërs?

 

In tegenstelling tot de Arameeërs, die het Christendom hadden aanvaard en de Arameeërs die al eerder het Hebreeuwse religie en Jodendom hadden aanvaard, hadden de Arabieren geen enkel culturele – religieuze contact/uitwisseling met de wereld van Mesopotamië, waaruit Abraham voortkwam, of met de wereld van Kanaän – Fenicië- Israël, waar zoveel ontwikkelingen plaats hadden gevonden. 

Namen en thema’s, onderwerpen en kwesties zoals Zondevloed, Toren van Babel, de Patriarchen (Abraham, Isaak en Jacob), de Exodus, de Torah, de Staten Israël en Juda, de Boeken van Koningen (Baselieion in Septuagint) en Kronieken (Paraleipomenon in Septuagint), de Profeten, de Makkabeërs, de Tweede Tempel, de Aramese Samaritanen (verworpen door de Farizeeërs en duidelijk geaccepteerd door Jezus), de vertaling van Septuagint op de Farao’s eiland van Alexandrië (de epitome van de Joodse waard en belang van Egypte), de confrontaties tussen de Grieken en Joden in Alexandrië, de ontzagwekkende inter- Joodse (maar zoveel gevolg hebbende op wereldschaal) botsingen tussen Farizeeërs, Zaddok (Sadduceeërs), Essenen (Was Jezus een van hen, als we ons focusseren op een van de  manuscripten van de Dode zee?) en Zeloten, de geleidelijke linguïstische Aramisering van de Joden, de Feniciers en de Babyloniers, de Talmud zelf en de diverse Targums, de vorming van het Christendom, de Arianisme en alle Christologische geschillen (betrokken hierbij de Kappadocische kerkvaders, de scholen van Alexandrië en Antiochië, Theodorus van Mopsuestia, Eutyches en Nestorius, Origines en Clement van Alexandrië, en anderen), de monastisme, al deze culturele ontwikkelingen die de hele Middellandse zee, Europese, Noord Afrikaanse en West- Aziatische werelden hadden gevormd, zoveel verschillende volkeren samenbrengend, Arameeërs en ge-aramiseerde volkeren, Grieken, Romeinen, Egyptenaren, Kelten, Goten en Kushitische Berbers van de Atlas, waren volkomen onbekend (zaken) bij de geïsoleerde Arabieren van Hedjaz, die alleen betrokken waren in de woestijn handelsroutes tussen Sinaï en Yemen.

 

Alle deze namen – cultureel gesproken- zegden niets tot een Arabier, en was nooit een Arabier die werd onderscheiden in een andere land. Nestorius uit Germanicie werd de Patriarch van Konstantinopel, en Mani reisde naar het Centrale Azië en India, terwijl Strabo verhuisde van Amasie naar Rome en vervolgens naar Egypte, Lucian vestigde zich in Athene. Nooit had een Arabier iets gedaan vergelijkbaar met de voornoemde luisterrijke geleerden, zichzelf onderscheidde in Letteren, Wetenschap en Kunst. Er was nooit een Arabische Bardaison, een Arabische Kartir, een Arabische Mazdak, een Arabische Tatianus, een Arabische Erastosthenes.

 

En als wij eerlijk willen zijn en niets accepteren door een moderne Greeko- Romano- gecentreerde oogpunt (die de rol en de essentie van de ‘persoon’ over-benadrukt ), willen we nog toevoegen dat er nooit een Arabische auteur was van Pistis Sophia, een Arabische auteur van de ‘Periplus van de Rode Zee’, een Arabische auteur van de Chaldese Orakels, en een Arabische auteur van Physiologus (of een Arabische vertaler zoals de Axumitische erudiete vertaler die is verantwoordelijk voor de origine van de Gueze versie van dat text, Fisalgos).

 

Al deze zaken waren vreemd bij de Arabieren, en Arabieren waren vreemd.

 

Opeens door, wat velen geloven, Goddelijke Interventie en Profetische Missie, of door wat geïnterpreteerd kan worden door velen als kolossale werk van erudiete college van Wijzen rond een hoge Perzische Institutie, kwam een andere wereld, namelijk Islam, tot de Arabieren. Door de Koran en de interpretaties aangeleverd door de Hadiths van de Profeet, Jona, Abraham, de Zondevloed, Jezus, Mozes, Salomo, David, Egype van Farao’s, Alexander de Groot, Joden en Nebukadnessar, het Concept van de Eindtijd (Al Yom al Ahar), Jezus, en zoveel thema’s van het voornoemde milieu vielen binnen het dagelijkse leven, de gedachtes, de onderwerpen van belang en discussies, het geloven en religies van de Arabieren.

 

Hoe kunnen we Islam interpreteren, als het niets anders is dan een Ultieme De- Arabisatie van de Arabieren?

 

Alle elementen van het voorgaande, oorspronkelijke Arabisch cultuur was geëlimineerd. Geen idolen in Ka’aba van Mekka! Voor gebed zich wenden tot de Grote Verafgelegen Heiligdom (Al Quds ash Sherif), zoals Jeruzalem in de Koran wordt genoemd! Een ongekende herschikking van de voornoemde Bijbelse, Talmudische en Christelijke milieu onder de Arabieren.

 

In het prille begin niveau was Islam gediffundeerd onder de Arabieren en Yemenieten aan wie Ali, de schoonzoon van Muhammad, de Islam predikte, twee jaar voor de dood van de profeet.

 

Toen het werd gepropageerd buiten het schiereiland, werd de Islam in het begin gezien als een andere soort Christologische geschil, een andere Christologische systeem als een verlenging van Nestorianisme. We hebben niet alleen bronnen die hiervan getuigen, maar we kunnen – door nuchter te denken – veilig concluderen dat als de Islam zou worden overgeplaatst naar de Arabieren, hetgeen de culturele milieu vormde voor de Arameeërs, Egyptenaren, Grieken, Joden en Romeinen (zoals we hebben uitgelegd), dan zou het automatisch lijken op een andere interpretatie, een herhaling van de elementen van het milieu onder de volkeren aan wie de elementen en het milieu al bekend waren. Als we de Middeleeuwse Griekse Historicus Theophanes of de beroemde Kroniek Paschale lezen, dan zullen we automatische dit realiseren.

 

Islam zou als een deel van de Oosterse christendom zijn gebleven als de Romeinse Keizers de Moslims hadden geaccepteerd binnen hun gebied in de 7e en 8e eeuwen, zoals zij hadden gedaan met ‘Monofysieten’ en ‘Nestoriaanse’ Christenen.

 

Maar de keizers van Konstantinopel waren moe na eeuwen van vreselijke Christologische conflicten, daarom accepteerden zij gemakkelijk de afscheiding, waarna ze al hun Aziatische provincies verloren in het Zuid- Oosten van Tarsus en Anti-Tarsus bergen, en al hun Afrikaanse provincies.

 

Natuurlijk, het grote gemakt waarmee de Arameeërs de Islam accepteerden in alle Romeinse en Perzische provincies waar ze leefden (het gebied dat correspondeert met de huidige Syrië, Irak, Libanon, Jordanië, Palestina, Israël, Zuid-Oosten van Turkije, Zuid-Westen van Iran, Koeweit, Katar en Emiraten) getuigt van:

 

a. de Aramese verbolgenheid met de twee hoofdsteden, Konstantinopel en Ctesiphon en

b. de extreme gelijkheid van thema’s, geloven, en elementen van Islam alsmede de Islam zelf als een geheel systeem dat geleidelijk de hunne werd voor de grote meerderheid onder hen.

 

Wat de schaarse Arabische legers naar Jeruzalem, Antiochië, Damscus, Edessa (Urfa), Amida, Nasibina, en Ctesiphon brachten gedurende de korte periode van 638-642 was gewoon een interpretatie van elementen, bekend en geloofd, gedeeld en geëvalueerd. Dat is de reden waarom dat systeem, op het moment dat werd geaccepteerd door de Arameeërs, werkelijk levensvatbare bestaande religie werd, in staat om verder te diffunderen in de provincies van de Romeinse Rijk en de ineenstortende Sassanadische Iran. En de vroegere Aramese proselieten garandeerden de overwinning van de Islamitische legers in Nihavend en Merv (in Iran) en in Alexandrië (in Egypte).

 

Moderne geleerden, die de gebeurtenissen presenteren vanuit standpunten die gevormd zijn op vooroordeel en politieke doeleinden, hebben gefaald om tot dusver de volgende twee vragen te beantwoorden:

 

- Waarom zou in Gods naam een ‘Nestoriaans’ Arameeër van Ctesiphon, die gedurende bijna 300 jaren werd vervolgd door diverse Shapurs en Khusraws, de nieuwe interpretatie (die de islam was) van de culturele- historische- religieuze elementen van zijn erfgoed niet accepteren en de Perzische overheid in z’n eigen land niet bevechten, om wraak te nemen voor drie eeuwen van vervolging?

 

- Waarom zou in Gods naam een ‘Monofysite’ Arameeër van Damascus, die bijna gedurende 300 jaren werd vervolgd door diverse Constantines en Justinianussen, de nieuwe interpretatie (die de islam was) van de culturele- historische- religieuze elementen van zijn erfgoed niet accepteren en de Romeinse overheid in z’n eigen land niet bevechten, om wraak te nemen voor drie eeuwen van vervolging?

 

Maar wat de twee vragen overstijgt – en het was opmerkelijk verborgen gehouden door de koloniale historici - was de realiteit dat Islam de Culturele Aramisatie van de Arabieren is.